DAAD Architecten

Openbaar Ministerie te Assen

In 2000 kampte het Openbaar Ministerie in Assen met een fors ruimtegebrek en zocht een nieuw onderkomen in de nabijheid van de rechtbank aan de Brinkstraat. In opdracht van de Rijksgebouwendienst onderzocht DAAD de hergebruikmogelijkheden van een tegenover de rechtbank gelegen voormalige drukkerij.
Het sobere gebouw uit de jaren vijftig viel nauwelijks op in de gevelwand met winkels, woningen en een theater. Het bestond uit twee bouwlagen, had een breedte van20 meteren was30 meterdiep. Alhoewel het vloeroppervlak feitelijk groot genoeg was om de 65 medewerkers van het OM te huisvesten, was er een probleem met daglicht en uitzicht. Slechts ondiepe stroken aan de voor– en achterzijde van het gebouw waren geschikt om er kantoorfuncties in onder te brengen, maar achter keek men uit op opslagruimte van belendende winkels en voor op de straat (privacy).
Het onderzoek van DAAD spitste zich toe op de vraag op welke manier een bij de oorspronkelijke opzet van het gebouw passende ruimtelijke indeling zou kunnen worden gevonden waarbij alle werkplekken voldoende daglicht en uitzicht zouden hebben. De oplossing volgde na bestudering van de structuur en de bouwgeschiedenis van het gebouw.
Het gebouw bestond uit twee delen. Het oudste deel met een breedte aan de straat van14 meterhad een zware, overgedimensioneerde kolommenstructuur. Later was de resterende zes meter tussen de drukkerij en het pand van de buren ingevuld. Het voorstel van DAAD begon met sloop van dit meest recente bouwdeel. Hiermee ontstond een ruimte van zes bij dertig meter die als tuin kan worden ingericht en waarop alle werkplekken georiënteerd kunnen worden. Op de wand tegenover de kantoorruimten is een kunstwerk van Pjotr van Oorschot aangebracht. Het gesloopte oppervlak kon nieuw worden teruggebouwd op het dak van de bewaarde structuur. Toen in de loop van het ontwerpproces het programma groeide van 65 naar 85 werkplekken kon zelfs een tweede nieuwbouwlaag worden toegevoegd.
De beide nieuwbouwlagen hebben aan de tuinzijde (zuid) een lamellengevel om de zon buiten te houden. Op de begane grond en de eerste verdieping zijn de aanwezige openingen in de voormalige binnenwand gebruikt om nieuwe vensteropeningen te maken. De80 cmdiepe negge is gebruikt om de plastiek van de gevel te versterken en met forse kalven in de kozijnen het daglicht diep de ruimten in te reflecteren.
De dynamiek binnen het OM vraagt om een ruimtelijke organisatie die in staat is eenvoudig in te spelen op nieuwe programma’s. In het plan is hier op verschillende manieren op ingespeeld. Met computervloeren door het hele gebouw en een vrij indeelbare kantoorzone aan de tuin zijn veranderingen in indelingen gemakkelijk te accommoderen. De verkeersruimten vormen de ruggengraat van het gebouw. Zij hebben een verblijfskwaliteit gekregen en zijn ruim bemeten zodat er ook andere functies een plek kunnen vinden. Op elke verdieping is het contact met de omgeving op een andere manier vormgegeven.
Het gebouw is rondom in metselwerk uitgevoerd, waarbij de tuin als buitenkamer van het OM is opgenomen. Kleine vensteropeningen in het metselwerk worden afgewisseld met bijzondere kozijnen op die plekken waar de verkeersruimte de buitengevel ontmoet. Met verschillende metselwerkverbanden en in het stucwerk van de tuinwanden is de hoogte van de bestaande drukkerij aangegeven.

Projectgegevens
Opdrachtgever: VROM Rijksgebouwendienst
Oplevering: 2002
BVO: 2.020 m2