DAAD Architecten

Studie HunzEco

De vraag
De Hunze is een bijzondere rivier met ongekende potentiële kwaliteiten. Het gaat hierbij om potenties op het gebied van natuur, recreatie en waterberging, maar ook voor een bijzonder niet alledaags woonmilieu. Een goed voorbeeld van de verzilvering van dergelijke potenties is de natuurontwikkeling welke gerealiseerd  wordt vanuit de Hunzevisie. Een deel van deze potenties word afgetast in het Hunzeproject. Dit project faciliteert bestaande ontwikkelingen in het gebied en stemt deze op elkaar af. De provincie Drenthe wil samen met de gemeentes Tynaarloo, Aa en Hunze en Borger-Odoorn de mogelijkheden voor woningbouw in het gebied laten verkennen.
De bureaus DAAD Architecten en Bosch Slabbers landschapsarchitecten hebben opdracht gekregen om de huidige situatie in beeld te brengen en de potentie op het gebied van woningbouw te laten zien. “Het is de bedoeling om na te gaan of en zo ja, op welke wijze via de ingang ‘wonen’ impulsen aan het Hunzegebied kunnen worden gegeven ter verbetering van respectievelijk de economische structuur, leefbaarheid, ruimtelijke kwaliteit en werkgelegenheid.” De combinatie van wonen met andere functies zoals natuur, recreatie, zorg etc. is gewenst en werd in de opdrachtomschrijving wonen-plus genoemd.
Een neven aspect van de vraag is de vestigingsdruk op de Hondsrug. De dorpen op de Hondsrug hebben een hoge cultuurhistorische waarde en bieden mede daardoor een prettige leefomgeving. Verdere uitbreidingen van de dorpen zouden afbreuk aan hun identiteit kunnen doen.
Gaande het onderzoek bleek al snel dat de focus op woningbouw te beperkt is om deze opgave op een adequate manier te kunnen behandelen. De eventuele ontwikkeling van woningen moeten in een breder perspectief geplaatst worden. Woningbouw kan in de integrale landschapsontwikkeling een katalyserende werking hebben, maar kan volgens dit onderzoek geen doel op zich zijn.

Wat past in het gebied? Wat is Hunzewonen?
De insteek van het onderzoek is om gebiedseigen elementen, principes en structuren te handhaven, te versterken en te genereren.

Bijzonder interessant in deze opgave is dat het landschap in beweging is. Het Hunzedal van nu zal over 20 jaar heel andere eigenschappen tonen. Dan namelijk zal de grote natuurontwikkeling van de Hunzeloop afgerond zijn, de rivier zal weer kunnen meanderen, het dal vernatten, fauna en flora zullen met vele soorten verrijkt zijn. De vaak als kwaliteit  genoemde openheid van nu, soms ook wel pure kaalheid, zal plaats maken voor een minder harde openheid. Het imago van het gebied zal ongetwijfeld ook veranderen en daarmee ook de aantrekkelijkheid om hier te wonen, werken en te recreëren. Het is noodzakelijk om voorbereid te zijn op deze nieuwe aantrekkingskracht en nu al aan de instrumenten te werken die het gebied morgen nodig zal hebben om de gewenste ontwikkeling te kunnen sturen.
De maat en het tempo van de huidige ontwikkelingen zijn kleinschalig van aard. Dit is gewenst, overzichtelijk en tast het bestaande niet aan. De conclusie die hieruit getrokken moet worden is dat het wonen op kleinschalig niveau ook maar een kleine economische impuls kan geven. Met in acht name van de onderliggende basisdoelstelling  voor het gebied namelijk de versterking van de vitaliteit van het platteland, is het zinvoller de insteek van het onderzoek, het wonen-plus te veranderen in plus-wonen. Dit houdt in dat eerst gekeken wordt naar ontwikkelingen die een economische of culturele impuls kunnen geven en vervolgens of het wonen deze ontwikkelingen kan ondersteunen of stimuleren.

Concept en perspectief
Het meest bijzondere in het Hunzegebied is de natuurontwikkeling van de Hunze. Een dergelijke ontwikkeling is uniek in Nederland en geeft het gebied de kans om ook in een bovenregionale context een betekenis te hebben. Als groene tegenhanger van de economische kernzone Groningen – Assen zou het gebied bij deze ontwikkelingen  kunnen aansluiten.
Gezien de verschillende landschapstypen die in het gebied samenkomen bestaat de mogelijkheid om juist het hele Hunzedal als ontwikkelingsgebied op de kaart te zetten. Het gebied tussen Hondsrug en natuurontwikkeling en het gebied tussen natuurontwikkeling en randveen ontginningslint lenen zich als transformatiegebieden. Hier kan het natuurgebied onder andere voorwaarden doorgezet worden en verbindingen aangaan met landbouw, wonen, toerisme etc. Hier ligt een mogelijkheid om creatief en experimenteel met natuur om te gaan. Het natuurontwikkelingsgebied zelf blijft onaangetast.
Om het transformatieproces vorm en inhoud te kunnen geven is het zinvol om de juiste instrumenten te ontwikkelen om mogelijke initiatieven te kunnen toetsen. De titel van het onderzoek “HunzEco” is de combinatie van de naam Hunze en het logo van het eko-keurmerk. Producten die het eko-keurmerk dragen voldoen aan een aantal eisen voor biologisch verbouwd voedsel. Het is niet de bedoeling om in het Hunzedal met strenge eisen te werken en ontwikkelingen te belemmeren. Het is de bedoeling om in samenspraak met bewoners en belanghebbenden een keurinstrument op te stellen dat de kwaliteit van het gebied als geheel kan waarborgen en ruimte schept voor experimenten.

De insteek is om tot een gebiedsgerichte visie te komen die meerdere facetten tot één krachtig concept bundelt dat op basis van bestaande kwaliteiten een nieuwe identiteit aan het Hunzedal geeft. Één van deze facetten is het wonen, andere facetten liggen in het veld van landschap, infrastructuur, toerisme, bedrijvigheid en cultuurhistorie. Met name de grote structuren lenen zich om de ruimtelijke samenhang in het gebied te versterken.
De ontwikkelingen zijn op te delen in:
– gebiedsgerichte ontwikkelingen die de nadruk leggen op samenbindende aspecten.
– gebiedseigen ontwikkelingen die de nadruk leggen op wonen.
Beide ontwikkelingen zijn multifunctioneel, zij bestaan uit een mix van water, natuur, landbouw, recreatie, woningbouw, bedrijvigheid, infrastructuur en marketing. Bij het inzoomen op de mogelijkheden voor woningbouw is het van belang te kijken naar een mogelijke meerwaarde ontstaan door die woningbouw. Het gaat niet alleen om het realiseren van nieuwe woningen, maar om meer. Hoe kan met nieuwe woningen ook landschap gevormd worden of kunnen nieuwe economische impulsen aan het gebied gegeven worden. Voor zowel de kleinschalige als de grootschalige ontwikkelingen geldt dat ontwikkelingen aangaande woningbouw een meerwaarde moeten opleveren voor het landschap en de gemeenschap.

Projectgegevens
Opdrachtgever: Provincie Drenthe
Studie afgerond: 2007
Project: Studie